Ga direct naar de inhoud Ga direct naar de filters Ga direct naar de footer

5 Andere aangiften

5.1 Algemeen

Het algemene kenmerk van de hieronder beschreven aangiften is het feit dat deze aangiften niet via het aangiftesysteem DMS worden ingediend of verwerkt.

5.2 De schriftelijke aangifte

Deze vorm van aangifte doen bestaat eigenlijk niet meer door de verplichting tot het doen van een elektronisch aangifte. Wettelijk gezien is het alleen nog mogelijk om een schriftelijke aangifte te doen in het kader van de noodprocedure als het geautomatiseerde systeem niet werkt.

(artikel 6 lid 1 DWU en artikel 6 lid 3 DWU )

5.3 De mondelinge aangifte

In een beperkt aantal gevallen kan een aangifte voor het in het vrije verkeer brengen door een mondelinge aangifte worden gedaan. Eigenlijk is het doen van de mondelinge aangifte vooral mogelijk voor door reizigers meegebrachte goederen die voor het vrije verkeer worden aangegeven.

(artikel 158 lid 2 DWU en artikel 135 GVo DWU )
.

Zie voor de mogelijkheden en voorwaarden voor het doen van een mondelinge aangifte paragraaf 2.2.2. van onderdeel 12.00.00. van dit Handboek.

5.4 De aangifte door een handeling

In een door de wetgever beperkt aantal gevallen kan een aangifte voor het in het vrije verkeer brengen door een aangifte door een handeling worden gedaan.

(artikel 158 lid 2 DWU en artikel 138 GVo DWU)

Zie voor de mogelijkheden en voorwaarden voor het doen van een aangifte door enige andere handeling ook onderdeel 12.00.00 van dit handboek, paragraaf 2.2.2 .

5.5 Vereenvoudigde aangiften

Voor het doen van een aangifte voor het in het vrije verkeer brengen kunnen vereenvoudigde procedures van toepassing zijn, zoals een vereenvoudigde aangifte of een aangifte via de inschrijving van de administratie van de aangever.

Zie hiervoor onderdeel 12.50.00 van dit handboek.

5.6 Carnet ATA

Als uniegoederen tijdelijk zijn uitgevoerd met een carnet ATA, dan kan bij terugkomst van de goederen de aangifte voor het vrije verkeer worden gedaan met gebruikmaking van het carnet ATA.

Er is dan sprake van de modaliteit terugkerende goederen, waardoor vrijstelling van douanerechten worden verleend, wanneer wordt voldaan aan de voorwaarden die voor deze vrijstelling van toepassing zijn.

Zie voor het Carnet ATA onderdeel 14.60.00 van dit Handboek.

(artikel 203 DWU )

De goederen die tijdelijk uitgevoerd zijn geweest met een carnet ATA hoeven niet onmiddellijk op het kantoor van binnenkomst in de Unie voor het vrije verkeer te worden aangegeven. Dit mag ook gebeuren op een ander douanekantoor. Het vervoer naar dit andere douanekantoor kan zonder verdere formaliteiten geschieden. Op het kantoor waar de goederen na dit verdere vervoer zijn aangekomen, wordt een aangifte voor het vrije verkeer gedaan ter aanzuivering van de tijdelijke uitvoer. De aangifte voor het vrije verkeer wordt gedaan met gebruikmaking van het carnet ATA. Zie voor de behandeling van het carnet-ATA onderdeel 14.60.00.

5.7 Postzendingenn

Postzendingen zijn goederen die door of vanwege de Post worden behandeld. Dit gebeurt op grond van de volgende bepalingen:

Voor deze postzendingen gelden o.a. vereenvoudigde douaneprocedures en douaneformaliteiten bij het in het vrije verkeer brengen, zonder dat een aangifte in DMS hoeft te worden gedaan.

Verdere bijzonderheden over het binnenbrengen en vervoeren van postzendingen vindt u in onderdeel 12.00.00 van dit Handboek. Zie ook het onderdeel 43.00.00 van dit Handboek.





  • het op 5 juli 1974 te Lausanne gesloten Algemeen Postverdrag;

  • de overeenkomsten van de Wereldpostvereniging;


  • de andere in artikel 22 van de Constitutie van de Wereldpostvereniging (Wenen, 10 juli 1964, Trb. 1975, 91) bedoelde bepalingen.


Let op!  Let op!


Als een postpakket meer dan 10 kilogram weegt en/of een waarde heeft welke meer bedraagt dan € 1.000, dan moet er een aangifte in DMS worden gedaan.

5.8 Militaire goederen

Bij het in het vrije verkeer brengen van militaire goederen bestaan de volgende situaties:

Zie voor het in het vrije verkeer brengen van militaire goederen onderdeel 14.80.00 van dit Handboek.





  • De invoer van militaire goederen die door de Nederlandse strijdkrachten in het buitenland worden aangeschaft of in het buitenland zijn hersteld of bewerkt.


  • De invoer van goederen die toebehoren aan de Nederlandse strijdkrachten en die uitsluitend zijn bestemd voor het gebruik door de Nederlandse strijdkrachten. Deze goederen zijn veelal gebruikt bij missies of oefeningen in niet- Unie- landen. Voorbeelden hiervan zijn uitrustingstukken, provisie en materiaal. Deze goederen moeten zich in Nederland in het vrije verkeer bevonden hebben. Het gaat hier om goederen waarbij bij de voorafgaande uitvoer geen aanspraak is gemaakt op ontheffing van enige belasting, op ontheffing van de betaling van landbouwheffingen of op landbouwrestitutie.


  • De invoer van goederen die bestemd zijn voor onderdelen van vreemde strijdkrachten die in NAVO-verband in Nederland gelegerd zijn.


Voor de overbrenging naar de locaties waar zich de NAVO-onderdelen bevinden en voor het in het vrije verkeer brengen van militaire goederen wordt een formulier 302 gebruikt.

5.9 Ambassades, consulaten en internationale organisaties

5.9.1 Algemeen

De vrijstelling voor diplomatieke goederen, consulaire goederen en goederen voor internationale organisaties is gebaseerd op het Verdrag van Wenen. Als voor diplomatieke goederen, consulaire goederen en goederen voor internationale organisaties een aangifte voor het vrije verkeer wordt gedaan met vrijstelling van rechten bij invoer en belastingen, dan wordt gebruik gemaakt van het formulier Douane 39.

5.9.2 Geen douanetaak

De toekenning van diplomatieke vrijstellingen is geen douanetaak. De bevoegde instantie hiervoor is Belastingdienst/ Haaglanden. Deze eenheid aanvaardt de Douane 39 en verleend eventueel de vrijstelling.

Zie verder de vrijstellingen Douanevrijstellingen diplomatieke en consulaire vertegenwoordigingen en internationale organisaties, opgenomen in onderdeel 24.10.00 van dit Handboek

5.10 In het vrije verkeer brengen van goederen die in de Unie zijn binnengekomen via het elektriciteitsnet of pijpleidingen

Goederen die via een vaste transportinrichting (technisch middel voor het ononderbroken transport van goederen zoals gas, elektriciteit of olie) de Unie zijn binnengekomen, worden geacht onder de regeling Unie-douanevervoer te zijn geplaatst. De regeling douanevervoer wordt geacht te zijn beëindigd en de goederen worden geacht zich in tijdelijke opslag te bevinden als

  • de desbetreffende vermelding is aangebracht in de bedrijfsadministratie van de geadresseerde of
  • de exploitant van een vaste transportinrichting heeft verklaard dat de per vaste inrichting vervoerde goederen: bij de installatie van de geadresseerde zijn aangekomen; of in het distributienetwerk van de geadresseerde zijn opgenomen. Zie ook Handboek Douane, onderdeel 14.20.00, hoofdstuk 7.

 

Vanaf het moment dat door één van de genoemde handelingen het douanevervoer is beëindigd en de tijdelijke opslag is aangevangen, kunnen de goederen voor het vrije verkeer worden aangegeven. De aangifte voor het vrije verkeer kan gedaan worden in de normale procedure of door middel van inschrijving in de administratie van de aangever.   

 

Een probleem is dat het gezien de aard van de goederen vaak niet mogelijk is om de goederen aan te brengen. Om aangevers toch in staat te stellen om een aangifte te doen wordt het volgende toegestaan.

 

Alle goederen (elektriciteit/gas/olie) die in de loop van een kalendermaand door het elektriciteitsnet of een pijpleiding zijn aangekomen worden geacht te zijn aangebracht bij de douane op het einde van die kalendermaand. In DMS kan aan het begin van de volgende kalendermaand één aangifte ten invoer in de normale procedure gedaan worden voor alle goederen die de voorafgaande maand zijn aangekomen. Deze aangifte moet uiterlijk op de derde werkdag van de volgende kalendermaand worden ingediend.

 

Kortere periodes zijn dat ook toegestaan. In dat geval worden alle goederen die gedurende deze kortere periode zijn ontvangen, geacht te zijn aangebracht als die periode is verstreken. De aangifte moet uiterlijk drie dagen na het einde van de periode worden ingediend.